“Hij is ooit komen aanlopen, hij mauwde zó zielig, die zal vast geen baasje hebben. Ik heb hem maar eten gegeven en daarna is hij gebleven.”
Heel veel katten komen op deze manier aan een nieuw baasje.
En dat terwijl heel veel baasjes geen plannen hadden om afstand te doen van hun kat.
Waarom lopen katten dan “zomaar” weg terwijl ze een baasje hebben?
Katten zijn opportunisten ten top! Als ze het ergens goed hebben, blijven ze daar. Zo trokken ze duizenden jaren geleden richting de dorpen en steden, omdat daar enorm veel ongedierte in en rond de graan- en hooischuren rondliep. Veel makkelijker dan op jacht te moeten naar prooien die verspreid over een groot gebied leven.
Dit trucje zijn ze niet verleerd. Als ze thuis hun voerplaats moeten delen met een huisgenoot waar ze stiekem toch niet zo heel goed mee overweg kunnen en de bakjes maar 2x per dag worden gevuld, maar de buurvrouw 8 huizen verderop heeft een grote bak staan die aangevuld wordt zodra ze aan komen wandelen, dan is de keuze snel gemaakt.
Een kat die buiten komt, heeft gemiddeld 5 “baasjes” waar hij wisselend “woont”.
Een verhaal uit de praktijk is van een poes Mimi* die geregeld een of twee nachtjes niet thuis kwam. Ze kwam een keer, na meerdere nachten weg te zijn geweest, thuis met een snee in haar buik. Het geschrokken baasje is meteen met haar naar de dierenarts gegaan om het te laten nakijken. Bij de dierenarts gekomen zei de assistente “Maar dit is Minoes*, die hebben we vorige week gesteriliseerd”
Mimi had dus in elk geval 2 baasjes, het baasje die haar in huis had gehaald en nu met haar bij de dierenarts stond, en een baasje die haar al een tijdje in de tuin zag rondscharrelen, haar eten is gaan geven en waarbij ze af en toe zelfs een nachtje bleef logeren. Dit tweede baasje had uiteindelijk besloten haar te houden, heeft haar Minoes genoemd en heeft haar laten steriliseren.
In dit geval is het dus toeval dat beide baasjes bij dezelfde dierenarts komen en de assistente de kat herkend heeft. De baasjes zijn er zo achter gekomen waar Mimi/Minoes uithing als ze niet thuis was.
En dan al die verhalen over katten die na 1, 2 of 12 jaar dankzij een chip weer terug komen bij hun eerste baasje. De meesten zijn toch echt niet zo verwilderd dat ze al die tijd alleen op straat moeten hebben geleefd.
Als je wil dat jouw kat echt jouw kat blijft, is aan te raden om de tuin af te zetten of een ren te bouwen, zodat de kat wel naar buiten kan, maar niet van het terrein af kan. De andere optie is je kat helemaal binnen houden.
Zorg er in beide gevallen dan wel voor dat de kat voldoende alternatieven heeft om het gebrek aan jaagmogelijkheden te compenseren. Zie de pagina “spelen met de kat” voor meer informatie over geschikte speeltjes en spelletjes.
* Namen zijn fictief.